Is mijn laadpaal geschikt voor ERE-certificaten?

EV-laadpaal aan kantoorgebouw met certificeringsmap op gepolijst beton en groene beplanting in zachte daglicht.

Een laadpaal is geschikt voor ERE-certificaten als deze is aangesloten op het openbare net, de opgeladen energie meetbaar is via een gecertificeerde meter en de laadpaal is geregistreerd bij een erkende inboekdienstverlener. Voor de meeste zakelijke laadpalen voor elektrische voertuigen of elektrische bouwmachines geldt dat zij in aanmerking komen, mits aan de technische en administratieve voorwaarden is voldaan. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over ERE-registratie voor laadpalen.

Wat zijn de vereisten voor een laadpaal om ERE-certificaten te genereren?

Een laadpaal moet voldoen aan een aantal concrete technische en administratieve voorwaarden om in aanmerking te komen voor ERE-certificaten. De laadpaal dient aangesloten te zijn op het elektriciteitsnet, te beschikken over een gecertificeerde energiemeter en te zijn geregistreerd bij een door de Nederlandse Emissieautoriteit (NEa) erkende inboekdienstverlener.

De belangrijkste vereisten op een rij:

  • Gecertificeerde meetapparatuur: De hoeveelheid opgeladen elektriciteit moet nauwkeurig worden gemeten en geregistreerd.
  • Registratie bij de NEa: De laadpaal moet worden aangemeld via een geaccrediteerde inboekdienstverlener die rapporteert aan de Nederlandse Emissieautoriteit.
  • Gebruik voor elektrische voertuigen of bouwmachines: De laadinfrastructuur moet aantoonbaar worden ingezet voor het laden van elektrische voertuigen of elektrische werktuigen.
  • Conforme rapportage: De opgeladen energie moet periodiek worden gerapporteerd volgens de richtlijnen van de NEa.

Organisaties die aan deze voorwaarden voldoen, kunnen jaarlijks een aanzienlijke vergoeding ontvangen via de ERE-regeling. Veel bedrijven laten deze inkomsten liggen omdat zij niet zijn aangesloten op een inboekdienst.

Hoe werkt het ERE-certificatensysteem voor laadpalen?

Het ERE-certificatensysteem is een regeling waarbij organisaties die elektrische voertuigen laden een financiële vergoeding ontvangen voor de emissiereductie die dit oplevert ten opzichte van fossiele brandstoffen. Elke kilowattuur die via een geregistreerde laadpaal wordt opgeladen, genereert een bepaald aantal Emissiereductie-eenheden (ERE), die vervolgens worden verkocht aan brandstofleveranciers.

Het systeem werkt als volgt:

  1. Registratie: De laadpaal wordt aangemeld bij een erkende inboekdienstverlener, die de laadpaal registreert bij de NEa.
  2. Meting: De opgeladen hoeveelheid elektriciteit wordt continu gemeten en bijgehouden.
  3. Rapportage: De inboekdienstverlener rapporteert periodiek de gemeten laaddata aan de NEa conform de geldende regelgeving.
  4. Uitgifte van ERE-certificaten: Op basis van de gerapporteerde data worden ERE-certificaten uitgegeven.
  5. Vergoeding: De certificaten worden verkocht en de opbrengst wordt uitgekeerd aan de eigenaar van de laadpaal.

Brandstofleveranciers zijn wettelijk verplicht een bepaald percentage van hun brandstofmix te verduurzamen. Door ERE-certificaten aan te kopen, kunnen zij aan deze verplichting voldoen. Dit creëert een markt voor certificaten die door laadpaaleigenaren worden gegenereerd.

Wat is het verschil tussen ERE-certificaten en garanties van oorsprong?

ERE-certificaten en garanties van oorsprong zijn beide instrumenten binnen de energietransitie, maar ze meten en vergoeden verschillende zaken. ERE-certificaten vergoeden de emissiereductie die ontstaat door het laden van elektrische voertuigen, terwijl garanties van oorsprong aantonen dat een bepaalde hoeveelheid elektriciteit duurzaam is opgewekt.

Een garantie van oorsprong is gekoppeld aan de productie van hernieuwbare energie, bijvoorbeeld door zonnepanelen of windturbines. De garantie bewijst dat de geproduceerde stroom groen is. ERE-certificaten daarentegen zijn gekoppeld aan het gebruik van elektriciteit voor transport, en vertegenwoordigen de CO2-besparing die dit gebruik oplevert ten opzichte van een benzine- of dieselvoertuig.

Voor organisaties met laadpalen is de ERE-regeling dan ook het relevante instrument, ongeacht of de gebruikte elektriciteit al dan niet groen is. De twee systemen kunnen naast elkaar bestaan, maar zijn niet uitwisselbaar.

Welke laadpalen zijn niet geschikt voor ERE-certificaten?

Niet elke laadpaal komt automatisch in aanmerking voor ERE-certificaten. Laadpalen zonder gecertificeerde meetapparatuur, laadpalen die uitsluitend worden gebruikt voor niet-weggebonden voertuigen zonder wettelijke basis, of laadpalen die al zijn aangemeld bij een andere inboekdienst, voldoen niet aan de voorwaarden.

Concreet zijn de volgende situaties een belemmering:

  • Geen gecertificeerde meter aanwezig: Zonder betrouwbare meting kan de opgeladen energie niet worden gerapporteerd aan de NEa.
  • Dubbele registratie: Een laadpaal die al is ingeschreven bij een andere inboekdienstverlener kan niet tegelijkertijd bij een tweede worden aangemeld.
  • Onjuist gebruik: Laadpalen die niet worden gebruikt voor erkende voertuigcategorieën vallen buiten de regeling.
  • Geen aansluiting op het elektriciteitsnet: Off-grid systemen zonder netaansluiting komen doorgaans niet in aanmerking.

Bij twijfel over de geschiktheid van een specifieke laadpaal is het verstandig dit te laten beoordelen door een geaccrediteerde inboekdienstverlener.

Hoe vraag je ERE-certificaten aan voor een bestaande laadpaal?

Voor een bestaande laadpaal verloopt de aanvraag van ERE-certificaten via een erkende inboekdienstverlener. U hoeft zelf geen directe aanvraag in te dienen bij de NEa; de inboekdienstverlener neemt de volledige administratieve afhandeling over, van registratie tot rapportage.

De stappen die u doorloopt zijn in de praktijk beperkt. U verstrekt de technische gegevens van uw laadpaal en sluit een overeenkomst met de inboekdienstverlener. Vervolgens wordt de laadpaal geregistreerd en worden de meetgegevens automatisch verwerkt. De opbrengsten worden periodiek aan u uitgekeerd op basis van de gegenereerde ERE-certificaten.

Meer informatie over hoe dit proces in zijn werk gaat, vindt u op de pagina over ERE-vergoeding voor laadpalen.

Wat levert een ERE-certificaat financieel op voor een organisatie?

De financiële opbrengst van ERE-certificaten hangt af van het volume aan opgeladen elektriciteit en de actuele marktprijs van de certificaten. Organisaties met meerdere laadpalen of een hoog laadvolume kunnen jaarlijks duizenden euro’s genereren uit hun bestaande laadinfrastructuur, zonder extra investeringen te hoeven doen.

De marktprijs van ERE-certificaten fluctueert, vergelijkbaar met andere energiegerelateerde certificatenmarkten. Hoe meer elektrisch wordt gereden binnen uw organisatie of door uw medewerkers, hoe hoger de potentiële opbrengst. Voor productiebedrijven met elektrische heftrucks of bouwbedrijven met elektrische machines kan het laadvolume bijzonder hoog zijn, wat de ERE-opbrengsten navenant vergroot.

Belangrijk is dat de opbrengsten volledig passief zijn zodra de registratie is geregeld. De administratieve last ligt bij de inboekdienstverlener, terwijl de financiële baten volledig toekomen aan de eigenaar van de laadpaal. Voor organisaties die al investeren in zakelijk elektrisch rijden, is ERE-registratie daarmee een logische vervolgstap om het rendement van die investering te verhogen.

Hoe Energy-Check uw ERE-registratie volledig uit handen neemt

Energy-Check verzorgt de volledige ERE-registratie van A tot Z voor organisaties met eigen laadpalen. Als geaccrediteerde inboekdienstverlener neemt Energy-Check alle administratieve en rapportageverplichtingen richting de NEa over, zodat u zelf geen handelingen hoeft te verrichten. Energy-Check communiceert een ERE-vergoeding van €0,13 per kWh, die kan oplopen tot €0,26 per kWh, afhankelijk van de marktomstandigheden en het laadvolume.

Wat Energy-Check voor u regelt:

  • Beoordeling van de geschiktheid van uw bestaande laadpalen
  • Volledige registratie bij de Nederlandse Emissieautoriteit
  • Continue meting en conforme rapportage van laaddata
  • Periodieke uitkering van de ERE-opbrengsten
  • Onafhankelijk advies zonder commercieel belang bij leveranciers

Veel organisaties lopen jaarlijks duizenden euro’s aan ERE-opbrengsten mis doordat zij niet zijn aangesloten op een inboekdienst. Energy-Check zorgt ervoor dat u dat geld niet langer laat liggen. Wilt u weten wat uw laadpalen kunnen opleveren? Neem contact op voor een vrijblijvende beoordeling.

Veelgestelde vragen

Kan ik ERE-certificaten aanvragen als mijn laadpaal al een paar jaar in gebruik is?

Ja, ook voor bestaande laadpalen kunt u ERE-certificaten aanvragen, mits de laadpaal beschikt over een gecertificeerde meter en voldoet aan de overige technische voorwaarden. De registratie geldt echter niet met terugwerkende kracht: u genereert ERE-certificaten pas vanaf het moment dat uw laadpaal officieel is ingeschreven bij een erkende inboekdienstverlener. Het is dus verstandig om zo snel mogelijk te starten, zodat u geen verdere opbrengsten misloopt.

Wat gebeurt er als mijn laadpaal niet beschikt over een gecertificeerde meter — kan ik die laten installeren?

In veel gevallen is het mogelijk om een gecertificeerde meter te laten installeren of de bestaande meter te laten certificeren, zodat uw laadpaal alsnog in aanmerking komt voor de ERE-regeling. Een erkende inboekdienstverlener zoals Energy-Check kan beoordelen welke aanpassingen nodig zijn en of de investering opweegt tegen de te verwachten ERE-opbrengsten. In de praktijk verdienen de kosten voor een geschikte meter zich vaak snel terug via de jaarlijkse certificatenopbrengsten.

Mogen medewerkers ook thuis laden en telt dat mee voor ERE-certificaten van mijn organisatie?

Thuislaadpalen van medewerkers kunnen in principe ook worden geregistreerd voor de ERE-regeling, maar de laadpaal moet dan wel voldoen aan dezelfde technische en administratieve vereisten als een zakelijke laadpaal. De registratie en eigendomsstructuur zijn hierbij bepalend: doorgaans wordt de laadpaal geregistreerd op naam van de werkgever of via een specifieke regeling. Laat u hierover adviseren door een inboekdienstverlener, want de constructie verschilt per situatie.

Hoe lang duurt het voordat de eerste ERE-vergoeding wordt uitbetaald na registratie?

Na succesvolle registratie van uw laadpaal bij de NEa via een inboekdienstverlener duurt het doorgaans enkele maanden voordat de eerste uitbetaling plaatsvindt, afhankelijk van de rapportageperiode en de verwerkingstijd van de NEa. De opgeladen kilowatturen worden in de tussentijd wel al gemeten en geregistreerd, zodat u geen data verliest. Uw inboekdienstverlener informeert u over de exacte doorlooptijd en het uitbetalingsschema.

Wat is een veelgemaakte fout die organisaties maken bij het aanmelden van laadpalen voor ERE-certificaten?

Een veelvoorkomende fout is dat organisaties wachten met registreren omdat zij denken dat het proces complex of tijdrovend is, waardoor zij maanden of zelfs jaren aan opbrengsten mislopen. Een andere veel gemaakte vergissing is het aanmelden van laadpalen zonder eerst te controleren of de meetapparatuur gecertificeerd is, wat later tot afkeuring kan leiden. Door vooraf een geschiktheidsbeoordeling te laten uitvoeren door een erkende inboekdienstverlener, voorkomt u onnodige vertragingen en administratieve problemen.

Heeft de ERE-regeling een einddatum, en is het de moeite waard om nu nog te starten?

De ERE-regeling is onderdeel van het Nederlandse beleid voor hernieuwbare energie in transport (HBE-systematiek) en is gekoppeld aan Europese richtlijnen die vooralsnog doorlopen tot minimaal 2030. Hoewel de exacte regelgeving en marktprijzen kunnen wijzigen, is de verwachting dat de vraag naar ERE-certificaten de komende jaren stabiel of groeiend blijft naarmate meer elektrische voertuigen op de weg komen. Starten is dus zeker de moeite waard: hoe eerder u registreert, hoe meer opbrengst u over de resterende looptijd van de regeling genereert.

Kan ik als eigenaar van laadpalen zelf kiezen welke inboekdienstverlener ik gebruik, en maakt die keuze verschil?

Ja, u bent vrij om te kiezen welke erkende inboekdienstverlener u inschakelt, en die keuze maakt zeker verschil. Inboekdienstverleners kunnen verschillen in de hoogte van hun servicekosten, de frequentie van uitbetalingen, de kwaliteit van hun rapportage en de mate van ontzorging die zij bieden. Vergelijk aanbieders op transparantie, accreditatie door de NEa en of zij onafhankelijk adviseren — zonder commercieel belang bij een specifiek merk of type laadpaal.

Gerelateerde artikelen

Deze inhoud is gegenereerd met behulp van AI en kan fouten bevatten.