De ERE-regeling (Emissie Reductie Eenheden) is een Nederlandse regeling waarmee organisaties die elektrisch rijden faciliteren financieel worden beloond voor de CO₂-reductie die daarmee gepaard gaat. Concreet betekent dit dat bedrijven met eigen laadpalen voor elektrische voertuigen of elektrische bouwmachines aanspraak kunnen maken op een vergoeding per opgeladen kilowattuur. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over de ERE-regeling in 2026, van de voorwaarden tot de aanvraagprocedure.
Voor welke organisaties geldt de ERE-regeling?
De ERE-regeling geldt voor organisaties die beschikken over eigen laadinfrastructuur voor elektrische voertuigen of elektrische bouwmachines en die de opgeladen energie kunnen registreren. Het gaat om bedrijven, instellingen en andere rechtspersonen in Nederland die laadpalen exploiteren op eigen terrein of in eigen beheer. Particulieren vallen buiten de regeling.
In de praktijk zijn dit veelal:
- Productiebedrijven en logistieke ondernemingen met een eigen wagenpark
- Zorginstellingen en onderwijsinstellingen met laadpalen voor medewerkers of bezoekers
- Kantoorpanden en vastgoedeigenaren met laadinfrastructuur op het terrein
- Bouwbedrijven die elektrische bouwmachines opladen
- Non-profitorganisaties met een eigen vloot elektrische voertuigen
Voorwaarde is dat de organisatie de laaddata kan aanleveren via een geaccrediteerde inboekdienstverlener die de gegevens vervolgens rapporteert aan de Nederlandse Emissieautoriteit (NEa). Veel organisaties beschikken al over de benodigde laadinfrastructuur maar lopen de ERE-opbrengsten mis doordat ze niet zijn aangesloten op zo’n inboekdienst.
Hoeveel belastingteruggave levert de ERE-regeling op?
De ERE-regeling levert geen directe belastingteruggave op, maar genereert inkomsten via de verkoop van Emissie Reductie Eenheden. Per opgeladen kilowattuur voor zakelijk elektrisch rijden wordt een ERE gegenereerd, die vervolgens wordt verkocht aan brandstofhandelaren die wettelijk verplicht zijn hun CO₂-uitstoot te compenseren. De opbrengst per ERE varieert en is afhankelijk van de marktprijs.
De hoogte van de jaarlijkse opbrengst hangt af van twee factoren: het totale volume aan opgeladen kilowatturen en de actuele marktprijs voor ERE’s. Energy Check communiceert een ERE-vergoeding die begint vanaf €0,13 per kWh en kan oplopen tot €0,26 per kWh. Voor organisaties met een substantieel laadvolume kunnen de jaarlijkse inkomsten oplopen tot duizenden euro’s. Omdat de marktprijs fluctueert, is het verstandig om de opbrengsten op langere termijn te bekijken en niet uitsluitend op basis van één jaar te beoordelen of de regeling loont.
Belangrijk om te weten is dat de ERE-vergoeding voor laadpalen bovenop eventuele andere verdienmodellen van uw laadinfrastructuur komt. De regeling staat dus los van tarieven die u aan gebruikers in rekening brengt.
Hoe vraagt een organisatie de ERE-regeling aan?
Een organisatie vraagt de ERE-regeling niet zelfstandig aan bij de overheid, maar sluit zich aan bij een geaccrediteerde inboekdienstverlener. Deze partij verzorgt de registratie van de laaddata, de administratie en de conforme rapportage richting de NEa. De inboekdienstverlener draagt de gegenereerde ERE’s vervolgens over aan de markt en keert de opbrengst uit aan de organisatie.
Het aansluitproces verloopt globaal in de volgende stappen:
- Inventarisatie van de laadinfrastructuur: Breng in kaart hoeveel laadpunten u heeft, welk type voertuigen worden opgeladen en welk laadmanagementsysteem u gebruikt.
- Aansluiting bij een inboekdienstverlener: Sluit een overeenkomst met een geaccrediteerde partij die namens u de ERE-registratie verzorgt.
- Datakoppeling: Zorg dat de laaddata automatisch worden doorgezet naar de inboekdienstverlener, zodat elk opgeladen kilowattuur correct wordt geregistreerd.
- Rapportage aan de NEa: De inboekdienstverlener rapporteert periodiek aan de Nederlandse Emissieautoriteit en genereert de ERE’s op basis van de aangeleverde data.
- Uitkering van de opbrengst: Na verkoop van de ERE’s ontvangt uw organisatie de opbrengst conform de afgesproken verdeelsleutel.
Meer over de praktische werking van ERE-registratie voor laadpalen leest u op de dienstenpagina van Energy-Check.
Wat zijn de voorwaarden van de ERE-regeling in 2026?
Om in 2026 in aanmerking te komen voor de ERE-regeling moet uw organisatie voldoen aan een aantal concrete voorwaarden. De laadpalen moeten zijn gekoppeld aan een laadmanagementsysteem dat de opgeladen energie nauwkeurig registreert, de data moeten worden aangeleverd via een door de NEa erkende inboekdienstverlener, en de opgeladen voertuigen moeten volledig elektrisch zijn.
De belangrijkste voorwaarden op een rij:
- De laadpalen staan geregistreerd en zijn in gebruik voor zakelijk elektrisch rijden of voor elektrische bouwmachines
- De laaddata worden nauwkeurig bijgehouden en zijn herleidbaar per laadsessie
- De organisatie werkt samen met een geaccrediteerde inboekdienstverlener die is erkend door de NEa
- Er is geen sprake van dubbele registratie: dezelfde kilowatturen mogen niet via meerdere regelingen worden ingeboekt
- De rapportage voldoet aan de technische en administratieve eisen die de NEa stelt
Organisaties die niet zeker weten of hun laadinfrastructuur voldoet aan deze eisen, doen er verstandig aan dit vooraf te laten beoordelen. Kleine technische tekortkomingen in de datakoppeling kunnen ertoe leiden dat een deel van de opgeladen energie niet wordt erkend voor ERE-registratie.
Hoe verhoudt de ERE-regeling zich tot andere energiesubsidies?
De ERE-regeling is geen subsidie in de traditionele zin, maar een marktmechanisme waarbij CO₂-reductie wordt omgezet in verhandelbare eenheden. Dit onderscheidt de regeling van subsidies zoals de SDE++ of de ISDE, waarbij de overheid een directe bijdrage verstrekt. De ERE-regeling staat los van deze subsidieregelingen en kan er in de meeste gevallen naast worden gebruikt.
Het combineren van de ERE-regeling met andere instrumenten is dan ook een slimme strategie. Zo kan een organisatie die investeert in laadinfrastructuur mogelijk gebruikmaken van investeringssubsidies voor de aanschaf van de laadpalen, terwijl de ERE-regeling vervolgens zorgt voor een structurele inkomstenstroom op basis van het gebruik. Dit maakt zakelijk elektrisch rijden financieel aantrekkelijker op de lange termijn.
Wel is het van belang om per situatie te toetsen of er sprake is van samenloop die niet is toegestaan. Een onafhankelijk energieadviseur kan beoordelen welke combinatie van regelingen voor uw organisatie het meest gunstig uitpakt.
Wanneer loont het om professioneel advies in te schakelen voor de ERE-regeling?
Professioneel advies loont zodra uw organisatie meer dan een handvol laadpunten beheert of wanneer de administratieve complexiteit van de ERE-registratie intern niet goed te borgen is. Hoe groter het laadvolume, hoe meer er financieel op het spel staat bij een incorrecte of incomplete registratie. Een fout in de datakoppeling of rapportage kan betekenen dat u een aanzienlijk deel van de opbrengsten misloopt.
Daarnaast loont professioneel advies wanneer u de ERE-regeling wilt combineren met andere energiemaatregelen of subsidies. Een adviseur die het totaalplaatje overziet, kan beoordelen welke combinatie van instrumenten het meest rendeert voor uw specifieke situatie.
Hoe Energy-Check helpt met ERE-registratie voor laadpalen
Energy-Check verzorgt de volledige ERE-registratie van A tot Z voor organisaties met eigen laadinfrastructuur. Als geaccrediteerde inboekdienstverlener neemt Energy-Check alle administratieve handelingen over, zodat u zelf geen tijd hoeft te steken in rapportages of datakoppelingen. De dienst is specifiek ontwikkeld voor bedrijven en instellingen die jaarlijks ERE-opbrengsten mislopen doordat ze niet zijn aangesloten op een inboekdienst.
Wat Energy-Check voor u regelt:
- Beoordeling of uw laadinfrastructuur voldoet aan de voorwaarden voor ERE-registratie
- Technische koppeling van uw laaddata aan het rapportagesysteem van de NEa
- Volledige administratie en conforme rapportage richting de Nederlandse Emissieautoriteit
- Inzicht in de gegenereerde ERE’s en de bijbehorende opbrengsten
- Advies over het combineren van de ERE-regeling met andere energiesubsidies
Wilt u weten wat de ERE-regeling voor uw organisatie kan opleveren? Neem contact op met Energy-Check voor een vrijblijvende beoordeling van uw laadinfrastructuur.
Veelgestelde vragen
Kan een organisatie met gehuurde laadpalen ook deelnemen aan de ERE-regeling?
Ja, ook organisaties die laadpalen huren of leasen kunnen in aanmerking komen voor de ERE-regeling, mits zij de exploitant zijn van de laadinfrastructuur en de laaddata in hun beheer vallen. Bepalend is niet het eigendom van de hardware, maar wie verantwoordelijk is voor de registratie en rapportage van de laaddata. Controleer bij uw leaseovereenkomst of de dataverantwoordelijkheid bij uw organisatie ligt, want dat is een vereiste voor aansluiting bij een inboekdienstverlener.
Wat gebeurt er als mijn laaddata niet volledig of niet nauwkeurig zijn bijgehouden?
Onvolledige of onnauwkeurige laaddata leiden ertoe dat een deel van de opgeladen kilowatturen niet wordt erkend voor ERE-registratie, waardoor u opbrengsten misloopt. De NEa stelt strenge eisen aan de herleidbaarheid van laadsessies, inclusief tijdstip, duur en hoeveelheid opgeladen energie. Het is daarom verstandig om vóór aansluiting bij een inboekdienstverlener te laten beoordelen of uw huidige laadmanagementsysteem voldoet aan deze eisen, zodat eventuele technische tekortkomingen tijdig worden verholpen.
Hoe lang duurt het voordat een organisatie de eerste ERE-opbrengsten ontvangt?
Na aansluiting bij een geaccrediteerde inboekdienstverlener en het succesvol koppelen van de laaddata duurt het doorgaans enkele weken tot maanden voordat de eerste rapportage aan de NEa is ingediend en de ERE’s zijn gegenereerd. De exacte doorlooptijd hangt af van de complexiteit van de datakoppeling en de rapportageperiode die de inboekdienstverlener hanteert. Houd er rekening mee dat de uitkering van opbrengsten plaatsvindt nadat de ERE’s op de markt zijn verkocht, wat een extra stap in het proces is.
Geldt de ERE-regeling ook voor laadpalen die zowel door medewerkers als door bezoekers worden gebruikt?
Ja, laadpalen die toegankelijk zijn voor zowel medewerkers als bezoekers kunnen in aanmerking komen, zolang het gaat om zakelijk gebruik en de laaddata per sessie herleidbaar zijn. Privégebruik door particulieren op een openbaar toegankelijk laadpunt kan complicaties geven, omdat de regeling is gericht op zakelijk elektrisch rijden. Een inboekdienstverlener kan beoordelen hoe uw specifieke situatie het beste wordt ingericht om maximale ERE-opbrengsten te genereren zonder in strijd te handelen met de registratievereisten.
Wat is het verschil tussen een geaccrediteerde en een niet-geaccrediteerde inboekdienstverlener?
Alleen inboekdienstverleners die zijn erkend door de Nederlandse Emissieautoriteit (NEa) mogen officieel laaddata rapporteren en ERE’s genereren namens uw organisatie. Een niet-geaccrediteerde partij heeft geen toegang tot het officiële rapportagesysteem van de NEa, waardoor de gegenereerde data niet worden erkend en u geen recht heeft op ERE-opbrengsten. Controleer daarom altijd of een potentiële inboekdienstverlener beschikt over een geldige NEa-accreditatie voordat u een overeenkomst sluit.
Zijn er kosten verbonden aan deelname aan de ERE-regeling via een inboekdienstverlener?
Inboekdienstverleners rekenen doorgaans een vergoeding voor hun diensten, die vaak wordt verrekend als een percentage van de gegenereerde ERE-opbrengsten of als een vaste servicevergoeding. Dit betekent dat de netto-uitkering aan uw organisatie lager ligt dan de bruto-opbrengst van de verkochte ERE’s. Vraag bij oriëntatie op een inboekdienstverlener altijd naar de volledige kostenstructuur en de verdeelsleutel, zodat u een realistisch beeld heeft van de netto-opbrengsten die uw organisatie daadwerkelijk ontvangt.
Kan de ERE-regeling ook met terugwerkende kracht worden aangevraagd voor eerder opgeladen kilowatturen?
In de meeste gevallen is het niet mogelijk om laaddata met terugwerkende kracht in te boeken voor periodes voordat uw organisatie was aangesloten bij een geaccrediteerde inboekdienstverlener. De NEa vereist dat de registratie plaatsvindt via een erkende partij en dat de data aantoonbaar en herleidbaar zijn vanaf het moment van aansluiting. Hoe eerder uw organisatie zich aansluit, hoe meer kilowatturen er in aanmerking komen voor ERE-registratie en hoe hoger de cumulatieve opbrengsten op de lange termijn zullen zijn.
Gerelateerde artikelen
- Is de ERE-regeling ook voor particulieren?
- Wat maakt zakelijke energie-inkoop anders dan particuliere inkoop?
- Wat is de ROI van professionele energie-inkoop?
- Wat zijn de kosten van zakelijk energie vergelijken?
- Is een energierapport verplicht?
Deze inhoud is gegenereerd met behulp van AI en kan fouten bevatten.