De kosten voor een ERE-certificaat lopen uiteen van enkele honderden tot meerdere duizenden euro’s, afhankelijk van de omvang van uw laadinfrastructuur en de gekozen dienstverlener. Voor de meeste organisaties geldt dat de eenmalige registratiekosten relatief laag zijn, maar dat de totale investering ook afhankelijk is van bijkomende administratieve en rapportagekosten. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over ERE-kosten, verplichtingen en subsidiemogelijkheden.
Wat bepaalt de prijs van een ERE-certificaat?
De prijs van een ERE-certificaat wordt bepaald door drie factoren: het aantal geregistreerde laadpunten, de complexiteit van de rapportage en de dienstverlener die u inschakelt voor de ERE-registratie. Hoe meer laadpunten u heeft en hoe meer elektriciteit er via die punten wordt geladen, hoe hoger de potentiële ERE-opbrengst, maar ook hoe uitgebreider de administratie.
Bij de ERE-regeling (Emissie Reductie Eenheden) ontvangt u als organisatie een financiële vergoeding per kilowattuur die via uw laadpalen aan elektrische voertuigen of elektrische bouwmachines wordt geleverd. Energy Check communiceert een ERE-vergoeding die begint vanaf €0,13 per kWh en kan oplopen tot €0,26 per kWh. Om die vergoeding te ontvangen, moet u uw laadpalen registreren bij de Nederlandse Emissieautoriteit (NEa). De kosten voor die registratie zelf zijn beperkt, maar de werkelijke kostenpost zit vaak in de administratieve begeleiding en de verplichte conforme rapportage.
De volgende factoren beïnvloeden de prijs direct:
- Aantal laadpunten: meer laadpunten betekent meer administratie en hogere registratiekosten
- Type voertuigen: laadpalen voor personenwagens, bestelauto’s of bouwmachines kennen elk hun eigen ERE-waarde
- Inboekdienstverlener: tarieven verschillen per aanbieder; sommigen werken met een vaste vergoeding, anderen met een percentage van de opbrengst
- Bestaande dataverzameling: als uw laadpalen al meetdata registreren, verloopt de rapportage eenvoudiger en goedkoper
Wat zijn de bijkomende kosten naast het certificaat zelf?
Naast de directe registratiekosten zijn er bijkomende kosten voor de jaarlijkse rapportage aan de NEa, eventuele software voor datamonitoring en de begeleiding door een geaccrediteerde inboekdienstverlener. Deze kosten zijn in veel gevallen hoger dan de registratie zelf, maar worden ruimschoots terugverdiend via de ERE-vergoeding voor laadpalen.
Concreet kunt u rekening houden met de volgende bijkomende kostenposten:
- Administratieve begeleiding: het opstellen en indienen van conforme rapportages richting de NEa vereist specifieke kennis en kost tijd
- Datamonitoring: om ERE-opbrengsten te kunnen claimen, moet het laadvolume nauwkeurig worden bijgehouden; sommige laadpaalsystemen vereisen aanvullende software
- Jaarlijkse rapportagekosten: de ERE-regeling vereist periodieke verantwoording; dit is een terugkerende kostenpost
- Eventuele keuring of verificatie: afhankelijk van de omvang van uw installatie kan een externe verificatie noodzakelijk zijn
Veel organisaties kiezen ervoor om de volledige ERE-administratie uit te besteden aan een gespecialiseerde partij. Dat beperkt de interne tijdsinvestering en verkleint het risico op fouten in de rapportage, wat kan leiden tot het mislopen van vergoedingen.
Wie is verplicht een ERE-certificaat te hebben?
Een ERE-certificaat is niet wettelijk verplicht voor organisaties met laadpalen. Het certificaat is een voorwaarde om in aanmerking te komen voor de ERE-vergoeding. Zonder registratie bij de NEa ontvangt u geen vergoeding voor de elektriciteit die via uw laadpalen wordt geleverd aan zakelijke gebruikers die elektrisch rijden.
De ERE-regeling is in het leven geroepen om brandstofleveranciers te stimuleren de uitstoot van het wegverkeer te verminderen. Organisaties met eigen laadinfrastructuur kunnen via een geaccrediteerde inboekdienstverlener hun laaddata inboeken en zo een financiële vergoeding ontvangen. Dit geldt voor:
- Bedrijven met eigen laadpalen voor medewerkers of vlootvoertuigen
- Organisaties met laadpalen voor elektrische bouwmachines
- Instellingen die openbare of semiopenbare laadpunten exploiteren
Hoewel er geen directe verplichting bestaat, lopen organisaties zonder ERE-registratie jaarlijks aanzienlijke inkomsten mis. Hoe groter het laadvolume, hoe hoger de gemiste opbrengst.
Hoe lang is een ERE-certificaat geldig?
Een ERE-registratie heeft geen vaste vervaldatum per certificaat, maar de regeling werkt op basis van jaarlijkse rapportageperiodes. Uw registratie blijft actief zolang u voldoet aan de rapportageverplichtingen richting de NEa. Jaarlijks dient u de laaddata in te dienen om de ERE-vergoeding te ontvangen.
Het is belangrijk om te weten dat de ERE-regeling periodiek wordt herzien door de overheid. De hoogte van de vergoeding per kilowattuur kan van jaar tot jaar variëren op basis van beleidswijzigingen en de doelstellingen voor emissiereductie. Het is daarom verstandig om uw ERE-registratie actief te laten beheren door een partij die op de hoogte blijft van de laatste regelgeving en aanpassingen tijdig doorvoert.
Meer informatie over de werking van de ERE-vergoeding voor laadpalen vindt u op de dienstenpagina van Energy-Check.
Kan een subsidie de kosten van een ERE-certificaat verlagen?
Er is geen specifieke subsidie die de kosten van een ERE-registratie direct vergoedt. De ERE-regeling zelf is echter een vorm van financiële tegemoetkoming: de vergoeding die u ontvangt via de ingeboekte laaddata compenseert de registratie- en administratiekosten ruimschoots, mits uw laadvolume voldoende is.
Naast de ERE-opbrengsten zijn er aanvullende subsidiemogelijkheden die relevant kunnen zijn voor organisaties die investeren in laadinfrastructuur. Denk daarbij aan de FLEX-E-subsidie, die gericht is op het flexibel inzetten van laadpalen in combinatie met het energienet. Voor organisaties die ook bredere duurzaamheidsinvesteringen overwegen, kan de SDE+-subsidie interessant zijn. Deze subsidies staan los van de ERE-registratie, maar kunnen de totale businesscase voor zakelijk elektrisch rijden aanzienlijk versterken.
Het combineren van ERE-opbrengsten met de juiste subsidies vraagt om specifieke kennis van de energiemarkt en de geldende regelgeving in 2026. Een onafhankelijk energieadviseur kan u helpen om alle beschikbare financiële voordelen optimaal te benutten.
Hoe Energy-Check helpt met uw ERE-registratie
Energy-Check verzorgt de volledige ERE-registratie van A tot Z, zodat u geen administratieve handelingen hoeft te verrichten en geen opbrengsten misloopt. Als geaccrediteerde inboekdienstverlener neemt Energy-Check de complete administratie en conforme rapportage richting de Nederlandse Emissieautoriteit over. Concreet doet Energy-Check het volgende voor u:
- Registratie van uw laadpunten bij de NEa
- Periodieke inboeking van uw laaddata conform de geldende eisen
- Volledige rapportage richting de NEa, zonder interne tijdsinvestering van uw kant
- Advies over aanvullende subsidies die de businesscase voor uw laadinfrastructuur versterken
- Proactieve signalering van wijzigingen in de ERE-regeling
Veel organisaties lopen jaarlijks duizenden euro’s aan ERE-opbrengsten mis doordat zij niet zijn aangesloten op een inboekdienst. Energy-Check zorgt ervoor dat u die opbrengsten volledig benut, zonder dat u daar zelf tijd en kennis voor hoeft in te zetten. Neem contact op om te ontdekken wat uw laadinfrastructuur kan opleveren.
Veelgestelde vragen
Hoe snel na registratie begin ik ERE-vergoedingen te ontvangen?
Na succesvolle registratie bij de NEa kunt u doorgaans binnen enkele weken beginnen met het inboeken van uw laaddata. De daadwerkelijke uitbetaling van de ERE-vergoeding vindt echter plaats na afloop van de jaarlijkse rapportageperiode. Het is daarom verstandig om zo vroeg mogelijk in het jaar te registreren, zodat u geen laaddata over de al verstreken maanden misloopt.
Wat gebeurt er als mijn laadpalen geen meetdata registreren — kan ik dan toch ERE-vergoeding ontvangen?
Zonder betrouwbare meetdata is het vrijwel onmogelijk om een conforme rapportage in te dienen bij de NEa, wat betekent dat u geen recht heeft op de ERE-vergoeding. De NEa stelt strikte eisen aan de nauwkeurigheid en volledigheid van de geregistreerde laaddata. Als uw laadpalen momenteel geen of onvoldoende data registreren, is het raadzaam om eerst de juiste meetsoftware of -hardware te installeren voordat u de ERE-registratie aanvraagt.
Wat is het verschil tussen een inboekdienstverlener en een gewone energieadviseur bij de ERE-regeling?
Een geaccrediteerde inboekdienstverlener is specifiek erkend door de NEa om laaddata namens uw organisatie in te boeken en conforme rapportages in te dienen — dit is een wettelijke vereiste binnen de ERE-regeling. Een gewone energieadviseur kan u adviseren over de businesscase en subsidiemogelijkheden, maar mag de daadwerkelijke inboeking niet uitvoeren zonder die accreditatie. Voor de ERE-registratie heeft u dus specifiek een geaccrediteerde inboekdienstverlener nodig, zoals Energy-Check.
Kan ik mijn ERE-registratie ook met terugwerkende kracht aanvragen voor laaddata uit het verleden?
In de meeste gevallen is het niet mogelijk om ERE-vergoedingen met terugwerkende kracht te claimen voor laaddata die is verzameld vóór uw registratie bij de NEa. De regeling vereist dat uw laadpunten geregistreerd zijn vóórdat de laaddata wordt ingeboekt. Dit is een van de belangrijkste redenen om zo snel mogelijk te registreren, zodat u geen verdere opbrengsten misloopt.
Hoeveel ERE-vergoeding kan ik ruwweg verwachten per laadpunt per jaar?
De exacte opbrengst per laadpunt is afhankelijk van het laadvolume in kilowattuur, het type voertuig dat wordt opgeladen en de jaarlijks vastgestelde ERE-waarde per kWh. Als globale indicatie: een drukbezet laadpunt voor personenwagens kan jaarlijks honderden euro’s aan ERE-vergoeding opleveren, terwijl laadpunten voor elektrische bouwmachines door hun hogere laadvolumes doorgaans een hogere opbrengst genereren. Een berekening op maat op basis van uw eigen laaddata geeft het meest betrouwbare beeld.
Wat zijn de meest voorkomende fouten die organisaties maken bij de ERE-rapportage?
De meest voorkomende fouten zijn het aanleveren van onvolledige of onjuiste laaddata, het missen van rapportagedeadlines en het niet tijdig doorgeven van wijzigingen in de laadinfrastructuur aan de NEa. Deze fouten kunnen leiden tot het gedeeltelijk of volledig mislopen van de ERE-vergoeding over dat rapportagejaar. Door de administratie uit te besteden aan een geaccrediteerde inboekdienstverlener minimaliseert u het risico op dergelijke kostbare fouten.
Is de ERE-regeling ook van toepassing op laadpalen die worden gebruikt door bezoekers of klanten, of alleen voor eigen medewerkers?
De ERE-regeling is van toepassing op zowel publieke, semipublieke als private laadpunten, wat betekent dat laadpalen voor bezoekers, klanten én eigen medewerkers of vlootvoertuigen allemaal in aanmerking kunnen komen voor de vergoeding. Wel gelden er specifieke eisen per type laadpunt met betrekking tot de registratie en dataverzameling. Het is verstandig om alle laadpunten binnen uw organisatie in kaart te brengen en te laten beoordelen welke in aanmerking komen voor ERE-registratie.
Gerelateerde artikelen
- Wat is de CO₂-Prestatieladder en waarom is het relevant voor uw bedrijf?
- Wat zijn de huidige zakelijke energietarieven in 2025?
- Is de EED-audit verplicht?
- Wat is flex-e subsidie en hoe kan mijn bedrijf hiervan profiteren?
- Hoe vaak mag u ISDE- subsidie aanvragen?
Deze inhoud is gegenereerd met behulp van AI en kan fouten bevatten.